maandag 28 juli 2014

Vakantie!

Het grote voordeel van vroeg op vakantie gaan is dat je tijdens het hoogseizoen ontzettend weinig afspraken hebt. Iedereen is immers op vakantie, dus je kunt nu eens eindelijk aan de slag met al die klussen die er steeds maar niet van komen. Belangrijkste daarvan is opruimen. Opruimen van mappen, klappers en, niet te vergeten zeker ook tegenwoordig: digitaal opruimen.
Ik kan dat goed. Ik kan heel goed bewaren, maar ik kan ook heel goed opruimen. De schoonmaakploeg in Dieren weet waarschijnlijk precies wanneer het zomer is, want dan zit mijn papierbak meestal overvol.
Dit jaar ligt het wat moeilijker. Want de dingen die ik nu op korte termijn moet oppakken, moet ik samen met anderen doen. Afspraken met partners over de ontwikkelingen rond de bibliotheek in Oosterbeek, collegiaal consult met collega-directeuren over eventuele gemeentelijke presentaties, oriëntatie met bedrijven op groot onderhoud en duurzaamheidsmaatregelen enz.enz.
En die partners zijn dus allemaal op vakantie.
Vorige week belde ik 5 collega-directeuren, slechts één ervan wist ik op de valreep voor haar vakantie nog te pakken te krijgen.
Toch heb ik goede hoop: augustus is een maand waarin bij ons intern nog best veel mensen vakantie hebben, maar ik heb de indruk dat de mensen die ik dan wil spreken aan het terugkomen zijn.
Dus dan sla ik mijn slag! En in de tussentijd vul ik mijn papierbak en ga ik lekker eens wat vroeger naar huis! Heb ik toch ook nog een klein beetje vakantie!

woensdag 23 juli 2014

Dag van nationale rouw

Ik heb vanmiddag een boos en verdrietig blog geschreven. Over hoe dubbel wij zijn in onze verhoudingen tot Rusland, als het gaat om onze handelsbetrekkingen, de postbusfirma's, de wapenleveranties.... Omdat ik zat te kijken naar die enorme stoet rouwauto's. En nadacht over het eigenlijke waarom van de dood van al deze mensen.
Ik heb het blog verwijderd. Het was te boos. En vandaag telt even alleen het verdriet.

zondag 6 juli 2014

Ondernemerschap

Ik woon in een rustige buitenwijk, waar slechts een paar kleine, losse winkels zijn: een Spar, een kapper, een tuincentrum, een friteszaak.
Naast de friteszaak zat eerst een warme bakker. Die ging er uit, toen kwam er een cateringbedrijfje in, waar je ook kon lunchen en broodjes kon afhalen. Afgelopen voorjaar zijn ook die daar vertrokken.
De winkel ligt midden in de wijk, aan een 'ontsluitings'weg. Niet zo'n gezellige plek. En je moet er speciaal naar toe om iets te kopen.
Lastig dus, om daar een rendabele winkel in te vestigen. Want waar komen de mensen uit zo'n slaapwijk voor in de benen? De dagelijkse dingen halen wij in een wijkwinkelcentrum, met een supermarkt, een drogist, een bakker en een Primera. De grote boodschappen doen we in het winkelcentrum, waar maar liefst 3 supermarkten zitten, een Hema, een C&A, diverse schoenenzaken enz. En natuurlijk, als je echt lekker wilt shoppen, rij je even naar 'de stad'. Daar ga je ook heen voor je pleziertjes: een terrasje, de bioscoop, lekker uit eten...
Een zaak in een buitenwijk kan daar lastig mee concurreren.
Sinds een paar weken zit er nu een italiaan in. Met afhaalmenu's, maar ook een klein restaurantje, een beperkt terras en Italiaans ijs.
Dus vanmiddag even langs gelopen voor een ijsje. En het was er best druk. Maar ook, zag ik wel, met personeel. En veel italianen, waarschijnlijk familie...
Het was nog te vroeg om te gaan eten, maar het meisje van de bediening liet ons wel al vast weten dat de prijzen in het restaurant even hoog waren als op het bezorgmenu, we konden dus rustig ook daar gaan eten.
Ik ben benieuwd of ze het redden. Op eten zit niet zo veel marge, de kaart is erg uitgebreid, de kwaliteit van het eten is essentieel, dus moet je altijd met verse producten werken, en je moet snel in kunnen spelen op veel bestellingen. Dus flexibele personele inzet. En voor zover ik het kon zien moest er een flinke familie hun boterham mee verdienen.
Ik gun het ze van harte. Dus dat wordt veel ijs eten de komende zomer!

woensdag 2 juli 2014

Methodes en formats

Er bestaan boekenkasten vol met literatuur over veranderprocessen, over leiderschap, over resultaatgericht werken en noem maar op.
Tijdens mijn studie aan de Universiteit van Utrecht (waar ik al een flink aantal jaren geleden in deeltijd bestuurskunde heb gestudeerd) heb ik er daar de nodige van gelezen. En over het algemeen met veel plezier. Want veel van die theorieën hielpen bij het in een kader plaatsen van wat ik door ervaring en gewoon dóen al wel wist. En veel van die boeken helpen ook bij het nadenken over de manier waarop je bepaalde resultaten kunt halen.
Maar het kan ook te dol worden.
De afgelopen tijd heb ik in allerlei verschillende bijeenkomsten verschillende modellen voorgeschoteld gekregen. Al die modellen willen helpen bij het in kaart brengen van je doelen, van je mogelijke partners, van de resultaten die je wilt halen en van wat je daar dan voor nodig hebt.
Het Canvasmodel, de Balance score card, de A3 methode... En allemaal steken ze het nét iets anders in, definiëren ze de begrippen nét even anders.
Onze bibliotheek mist op dit moment een jaarwerkplan. We hebben wel een korte beleidsnotitie, maar die is niet uitgewerkt in concrete plannen, met een fasering in de tijd en een bijbehorend kostenplaatje. Dat moet je wel hebben, want dan kun je 'begroten' op menskracht en op financiën. En kun je ook daadwerkelijk monitoren of er resultaten worden geboekt.
Maar welk format moeten we kiezen? Welke methode past ons het beste?
Daar hebben we in het afgelopen specialistenoverleg mee gestoeid. We proberen dat wat we al hadden ingevuld in de Balance score card nu in het A3 model te krijgen. Misschien is dat een hopeloze actie, maar het was duidelijk dat we ons eerst nog maar weer eens moeten buigen over wat wel model nu eigenlijk voor ons kan betekenen.
Weer studeren dus, inderdaad :-)

maandag 30 juni 2014

Intervisie

De afgelopen jaren heb ik deel uitgemaakt van een klein intervisiegroepje. Vier Gelderse directeuren, die, als een vervolg op een netwerktraining, verder gegaan zijn als zelfstandig intervisiegroepje.
Volgens de regelen der kunst hoor je dan vooraf een case te bedenken (je hebt er natuurlijk een, je moet hem niet bedenken), die breng je in en dan wordt je, bij voorkeur op een gestructureerde manier, bevraagd. Uiteindelijk geven je collega's je dan een handelingsadvies waarmee je dan huiswaarts keert om je case met hernieuwde energie aan te pakken.
Zo gingen onze bijeenkomsten natuurlijk niet. We hebben het wel geprobeerd hoor, en soms ging het ook echt met name over een probleem/vraag waar één collega mee zat, maar vaak ging het anders. We zien elkaar niet zo heel vaak, dus er was altijd heel veel te vertellen.
Hoe gaat het met dit, en hoe is dat nu afgelopen en wat vond jij nu van zus en hoe zie jij ontwikkeling zo? Van de hak op de tak, van het een naar het ander, maar zolang we er meerwaarde in zagen, maakten we er tijd voor vrij. Meestal in mijn kantoor in Dieren met een schaal vol ingepakte koekjes...
Maar het laatste half jaar werden de afspraken steeds door iemand afgezegd. Telkens kwam er iets echt belangrijks tussen. En dat was ook zo, maar het geeft tevens iets aan. Dat we het te druk hebben, maar dat ook de waarde van de bijeenkomsten aan het afnemen was. Denk ik.
Vorige week hebben we het seizoen afgesloten met een etentje. Met ook het doel echt met elkaar te bekijken of we er mee verder willen.
En weer: reuze gezellig en geanimeerd, boeiende onderwerpen, allerlei thema's die vergelijkbaar zijn en waarop we kennis en documenten met elkaar kunnen delen. Reflecteren maar ook heel praktisch.
Dus we hebben besloten er mee door te gaan. Maar onder een andere naam, want intervisie mag het toch eigenlijk niet heten.
We doen nu voortaan vier keer per jaar aan 'collegiale consultatie'.
En dat wordt dan voortaan ook elk jaar afgesloten met een etentje....

vrijdag 27 juni 2014

Even stil...

Deze week weer begonnen met werken, na een heerlijke actieve vakantie. Veel dingen gezien en gedaan, veel indrukwekkende musea en monumenten van de 1e wereldoorlog gezien. En ook echt een gebied dat de moeite van een bezoek waard is.
En, eenmaal weer aan het werk, val je meteen weer in je routine: veel afspraken, veel dingen die nog af moeten voor de rest van Nederland met vakantie gaat. Dus avondvergaderingen, lange dagen maken en thuis werken,
Zo zal dat voor heel veel mensen zijn, je staat er niet bij stil, comes with the job.
Zo zegt Hetty Kruidhof dat ook altijd, de directeur van de bibliotheek Noord Veluwe. Maar liefst 5 gemeentes, veel avondbijeenkomsten, veel extra werk, lees- en schrijfwerk doen we thuis.
En deze week verloor ze ineens haar man. Begin 50, en ineens dood.
Hoe zal dat voor haar voelen, vraag ik me af. Misschien had ze achteraf zoveel anders willen doen, zo veel andere prioriteiten willen liggen...
Vanochtend ga ik naar de afscheidsdienst. Je kunt in dit soort situaties zo weinig voor elkaar betekenen, als collega-directeuren. Het enige dat kan is laten zien dat je betrokken bent, dat je meeleeft, dat je er voor haar wilt zijn als dat mogelijk is.
En er misschien een les uit leren?

maandag 9 juni 2014

De kracht van het verhaal

Het is echt een culturele en historische vakantie, deze keer.
Vanuit het dorp in zuid-België waar we verblijven kunnen we in een heel brede straal allerlei bezienswaardigheden en musea bezoeken.
Tot nu toe zijn we (bijna) dagelijks op pad in België en Frankrijk en hebben we al de nodige musea en dorpjes bekeken.
Eén van de meest indrukwekkende vond ik het In Flanders Fields Museum in Ieper. Dat vertelt het, vooral heel persoonlijke, verhaal van de 1e wereldoorlog in Ieper en omgeving. De stad Ieper is tijdens die oorlog geheel geëvacueerd en volledig met de grond gelijk gemaakt.
In het museum is dat op een geweldige manier vorm gegeven. Ontzettend veel digitale verslaglegging, veel kleine filmische presentaties, veel interactieve elementen. Zo kon op een grote digitafel de frontlinie in beeld gebracht worden, waarbij de kijker foto's van toen en nu kon uitvergroten. Hoe zag die boerderij er uit voor de oorlog, hoe liepen de loopgraven en wat was er in 1918 van over? Bij elke presentatie was je een tijd zoet, het verveelde niet snel.
Het mooiste waren de verschillende opnames van soldaten, burgers, verpleegsters uit de oorlog. Verhalen, verteld door acteurs, vanuit allerlei perspectieven (Duits, Engels, officieren, manschappen, verpleegsters, doctoren). Echt heel indrukwekkend.
Er gaat toch heel weinig boven de kracht van het persoonlijke verhaal. En dat persoonlijke verhaal is tijdloos. Zet er iemand uit Syrië neer en het verhaal kan opnieuw verteld worden.
En bij de uitgang hing in grote banieren een overzicht van alle oorlogen die er sindsdien in de wereld toch nog weer uitgevochten zijn en worden. Want veel lessen leren we niet uit de verhalen...

maandag 2 juni 2014

de grote oorlog

Vandaag bezochten wij Diksmuide, in België. Daar is een deel van de loopgraven uit de 1e wereldoorlog 'nagebouwd'.
Aan weerszijden van het riviertje de Ijzer lagen de loopgraven van de Duitsers en de geallieerden in die oorlog tegen over elkaar. Over een lengte van ongeveer 1 kilometer lopen bezoekers, (waaronder ik, het was niet erg druk, erg veel Belgische schoolklasjes met gele hesjes aan) door de Belgische loopgraven. De zandzakken zijn van beton, maar lijken best wel, de bodem is bedekt met grind, dat was in 1915 natuurlijk modder. Uit de bijgeleverde informatie begrijp ik dat de grond zeer drassig was en dat de Belgen uiteindelijk de Ijzervlakte hebben laten overstromen om de Duitsers tot staan te brengen.
Ik las 'Godenslaap' van Edwin Mortier en 'Oorlog en terpentijn' van Stefan Hertmans. Toen ik daar liep probeerde ik me voor te stellen hoe het daar écht was, in 1915. Blubber, voortdurend bukken, kleine grotachtige ruimtes, waar je misschien even kon schuilen, 's winters bitter koud, zomers bloed heet, en altijd ratten, ongedierte, vocht. Geen eten, geen drinken, bullebakken als officieren, voortdurend schieten en granaten, doden en gewonden om je heen ...
Erg veel mannen zijn omgekomen in de 'grote oorlog', tegen over elkaar schietend vanuit die loopgraven. Op veel plaatsen in België wordt daar zeer respectvol aan herinnerd. Kleine militaire begraafplaatsen her en der in het landschap, maar ook enorme grafvelden, meestal vlak bij militaire ziekenhuizen.
Allebei de boeken zijn echte aanraders. De waanzin van oorlog, toen en nu, het is onbegrijpelijk dat het ooit gebeurd is en angstaanjagend dat het nog steeds gebeurt.